|
In het voorjaar van 2005 spraken wij met ongeveer honderd druggebruikers en dak en thuislozen. We waren geschokt door de wijze waarop deze mensen werden behandeld in het kader van de Wet op de Uitgebreide Identificatieplicht (WUID). Daar waar een gewone sterveling geen last heeft van het gezag loopt iemand die toch al in de verdrukking zit tegen twee boetes aan. Een voor doelloos rondhangen of een andere drogreden en een voor het niet kunnen tonen van zijn legitimatiebewijs. Dat dit geen incident was werd ons al snel duidelijk.
Nederland kent een geschiedenis van verzet tegen de identificatieplicht. Dat is ook de reden waarom de plicht stapsgewijs is ingevoerd. In juni 1994 werd de WID (beperkte identificatieplicht) van kracht en in januari 2005 de WUID (uitgebreide identificatieplicht). De algehele identificatieplicht is een kwestie van tijd. De overheid heeft de stroom mee, mensen lijken zich minder dan ooit zorgen te maken over privacy en uitdijende bevoegdheden van de overheid.
Waarom dan toch een kritische krant over de identificatieplicht? De basis voor deze krant vormt een onderzoek naar de toepassing van de wet op straat door Buro Jansen & Janssen. Hoewel ons onderzoek beperkt is geweest hebben we wel inzicht gekregen in de uitvoering van de identificatieplicht. Aan de hand van een aantal verhalen willen we laten zien dat de identificatieplicht exemplarisch is voor het veiligheidsdenken binnen de overheid. De overheid creëert steeds meer bevoegdheden voor zichzelf waarbij burgers als verdachte worden benaderd en behandeld. De bevoegdheden, zoals de identificatieplicht, kunnen ruim worden ingezet, terwijl de burgers geen effectieve tegen controle kunnen uitoefenen. Zorgvuldigheid en onschuld sneuvelen in dit proces, iets dat Buro Jansen & Janssen middels deze krant over de WUID probeert inzichtelijk te maken.
In de krant staan verhalen, de geschiedenis en de toekomst komen aan bod, de wet wordt geanalyseerd en de resultaten van onze zoektocht naar duidelijkheid over de uitvoering komt terug. Veel zijn wij niet opgeschoten. De wet en de interpretatie van de wet zijn vaag, de registratie van de politie lijkt zakelijk maar ontbeert inzicht in een belangrijk aspect van de wet: de redelijke taakuitoefening. De identificatieplicht raakt nog steeds veel mensen en meer dan twee jaar na de invoering van de WUID zijn de emoties en vooral verontwaardiging er niet minder om.
|